Kennisbank

Communicatie

Elementen voor duidelijkheid, begrip, en voorspelbaarheid van trainingsbedoelingen.

Markeersignalen

Markeersignalen gebruiken we om duidelijke, herkenbare feedback te geven of gerichte koppelingen te maken (appetetief, aversief).

Functie van Markeersignalen

Wat markeersignalen zijn en waarom het trainingsresultaat verbetert.

Wat het is

Markeersignalen zijn signalen die eenduidig een opvolgend effect voorspellen (via klassieke conditioneringP→GHondengedragKlassieke conditioneringEen prikkel krijgt betekenis door het gevolg dat deze voorspelt: prikkel → gevolg.prikkelgevolgassociatie). Zo maken we een overbrugging van een (meestal verbaal) signaal naar dit gevolg, zodat dit onder controle komt van het signaal zelf. We "markeren" aldus een actie, of een prikkel, en binden dit aan een uitkomst/gevolg. Bron 1Validation of a Behavior-Based Protocol for Training Detection DogsLucia Lazarowski, Belinda Rogers, Stephanie Collins, Julia Pisano, Sarah KrichbaumDOI: 10.3390/ani11061639Naar referentieblok

Scherpte en Duidelijkheid

Met een markeersignaal kan het gevolg iets worden uitgesteld, in plaats van dat we een zo snel mogelijke binding moeten maken van prikkel/keuze naar dit gevolg. Dit komt dus vaak van pas in training en gedragstherapie. Bij het geven van feedback op een handeling die een hond verricht hoef je niet onmiddelijke (soms impraktische) overgangen te maken naar de bedoelde gevolgen. In plaats daarvan gebruik je eerst een markeersignaal voor het precieze moment van actie of prikkeling, waarop je vervolgens tijd krijgt om het gevolg te activeren. Dit noemen we ook wel daardoor een secundaire beïnvloeder, omdat een markeersignaal op zichzelf een neutrale prikkel (geluid) is, ofwel die nietzeggend en irrelevant is. Een markeersignaal ontleend zijn effect aan de binding naar een betekenisvol en relevant gevolg. Een werkelijk gevolg die de hond relevant acht. De hond gaat echter reageren op het markeersignaal alsof het gevolg plaatsvindt.

Belading

Een markeersignaal is dus een verband dat ontstaat door klassieke conditioneringP→GHondengedragKlassieke conditioneringEen prikkel krijgt betekenis door het gevolg dat deze voorspelt: prikkel → gevolg.prikkelgevolgassociatie. Dit betekent dat deze, indien effectief, eerst herhaaldelijk moet gebeuren. Meestal beoefenen we dit vooraf, buiten een gerichte inzet van markeersignalen om. Dat noemen we het "beladen" van markeersignalen. Hierbij richten we ons volledig op het vaststellen van een verband tussen een markeersignaal en wat we bedoelen dat signaal moet gaan betekenen. Bron 2Handbook of Applied Dog Behavior and Training, Volume 1: Adaptation and LearningSteven R. LindsayNaar referentieblok

De twee voornaamste gevolgen/uitkomsten zijn (variaties op) een begeerd effect of een onbegeerd effect, vanuit de hond's perspectief. Onthoud dat voor een hond gehoorzaamheid namelijk fictief is, en helemaal niet bestaat: wat men gehoorzaamheid noemt is een fenomeen waarin de hond zich aanpast aan uitkomsten, die men zodanig voor de hond heeft gevormd. Bron 3Reward and Punishment Act as Distinct Factors in Guiding BehaviorJan Kubanek, Lawrence H. Snyder, Richard A. AbramsDOI: 10.1016/j.cognition.2015.03.005Naar referentieblok

Voorbeelden

Middels `good`, waarna je beloont in positie, bereik je dat de hond niet uit gebrek aan stimulatie interesse verliest. Daarom noemen we soms `good` ook een duratie-markeersignaal.

Het afgeven van beloning trekt vaak de hond's aandacht van nature, en meestal willen we dit ook. Echter bestaan er soms specifieke postieis waar het toedienen van beloning daardoor de positie zelf kan corrumperen, wat zorgt voor onbedoelde vorm. Sommige gedragingen worden erdoor ronduit onmogelijk. Met een `yes` zorgen we dat een bedoelde vorm de beloning activeert (we versterken het juiste gedrag), terwijl het markeersignaal tegelijkertijd aankondigt dat afbreking van de positie geoorloofd is.

Primaire markeersignalen

De voornaamste soorten markeersignalen en varianten.

SignaalSoortVoorspeltPlaatsingInvloedEffectVoorbeeldOverschaduwing
yesterminerend beloningssignaaltoegang tot motivator bij de geleiderbeloning wordt bij of via de geleider verkregenbekrachtigt gedrag door toevoeging van een motivatorbreekt positie of taakcontext af en laat de hond naar de beloning bewegenyes -> hond breekt positie -> beloning bij geleiderhanden alvast bewegen of voerzakgeluid vóór de yes-cue
goodbehoudend belonings- en duratiesignaalbeloning terwijl positie of opdracht behouden blijftbeloning wordt door de geleider gebracht of beschikbaar gemaaktbekrachtigt behoud, duur en stabiliteit van gedragmarkeert juist gedrag zonder de positie of taakcontext af te brekengood -> hond blijft in positie -> beloning volgt in positievroegtijdig vooroverleunen of voorspellende geluiden van de voerzak vóór de good-cue
aroundterminerend beloningssignaal richting omgevingbeloning die weg van de geleider in de omgeving verschijntbeloning verschijnt buiten de directe geleiderpositiebekrachtigt gedrag en verplaatst de hond naar een externe beloningsplekbreekt de taakcontext af en richt de hond naar de omgevingaround -> voerworp of spelmoment weg van de geleidervoortijdig gooien, of te veel reactie op werphandelingen in plaats van het signaal
ok / vrijniet-belonende vrijgaveeinde van positie of taakcontext zonder directe beloningsbeloftegekoppeld aan beëindiging van een opdracht, positie of wachttijdmaakt onderscheid tussen vrijgave en beloningsmarkergeeft de hond toestemming om positie of opdracht los te latenok -> hond mag positie verlatente voorspelbaar op dezelfde plekken of momenten gebruiken
neefoutsignaal in aanleercontextde geanticipeerde beloning of toegang wordt niet beschikbaarmeestal gekoppeld aan trainer, handen, beloningsrichting of taakcriteriumontneemt toegang tot verwachte beloning of gelegenheidbreekt verwachting af en opent ruimte voor herstel of herkansingnee -> geen beloning -> nieuwe pogingwegtrekken van handen, overeind gaan staan of andere voorspellende lichaamstaal
ahvermijdingssignaalactivatie van een straf- of correctiegebeurtenisgekoppeld aan begrenzing, remming of fysieke/ruimtelijke correctieverzwakt gedrag door toevoeging van een demotivatorremt, onderbreekt of onderdrukt dysfunctionele keuzeah -> correctie of begrenzingcorrectie wordt met onbedoelde prikkels geassocieerd

Bron 4Validation of a Behavior-Based Protocol for Training Detection DogsLucia Lazarowski, Belinda Rogers, Stephanie Collins, Julia Pisano, Sarah KrichbaumDOI: 10.3390/ani11061639Naar referentieblok Bron 5Choosing the Right Method: Reinforcement vs PunishmentKen RamirezDOI: 10.1002/9781118968543.ch4Naar referentieblok Bron 6Basic Principles of Operant ConditioningEric S. Murphy, Gwen J. LupferDOI: 10.1002/9781118468135.ch8Naar referentieblok

Secundaire markeersignalen

Dubbele betekenissen gebonden aan een selectie van primaire markeersignalen, meestal nadat die primaire signalen betekenis hebben verworven.

SignaalSoortVoorspeltEffectVoorbeeldValkuil
nee.2 (naleving)secundair foutsignaal bij naleving of vermijdingbegin van ontsnapbare druk of voortzetting van begrenzingmaakt naleving of herstel functioneel doordat druk kan verdwijnennee.2 -> hond herstelt keuze -> druk valt weg
good.2veiligheidssignaalafwezigheid van naderende druk, straf of correctiebevestigt juiste naleving, herstel of succesvolle vermijdinggood.2 -> behoud keuze -> geen druk

Bron 7Choosing the Right Method: Reinforcement vs PunishmentKen RamirezDOI: 10.1002/9781118968543.ch4Naar referentieblok Bron 8Self-Control and Predictability: Their Effects on Reactions to Aversive StimulationErvin Staub, Bernard Tursky, Gary E. SchwartzDOI: 10.1037/h0030851Naar referentieblok Bron 9Stressor Controllability and Stress-Induced AnalgesiaSteven F. MaierDOI: 10.1111/j.1749-6632.1986.tb14618.xNaar referentieblok

Gedragssignalen

Signalen die direct een gedragsreactie oproepen.

Onder gedragssignalen verstaan we signalen die direct een gedragsreactie beogen uit te lokken of te sturen. Je zal dit waarschijnlijk kennen als "commando's."

Het voornaamste verschil tussen markeer- en gedragssingalen is dat markeersignalen voornamelijk dienen als een terugkoppeling op keuzes of associatie met een prikkel, waar een gedragssignaal een specifieke handeling behoort op te roepen.

De typische volgorde is dus dat gedrag middels herhaadelijk oefenen een specifieke vorm kan aannemen, als een soort beeldhouwen, waarbij we enkel bezig zijn met suggestie van beweging en markeersignalen als antwoord op de (re)acties die de hond daarop geeft. Wanneer deze vorm vervolgens feilloos is, hoe wij die willen, kan een verbaal signaal, aldus een gedragssignaal, onze suggestieve handelingen overnemen, waardoor het gedrag nu oproepbaar wordt middels dit signaal alleen. Dit is geassisteerd vormen en vervaging van de suggestieve handelingen, wat verschilt van vrij vormen.

SignaalSoortBeoogde reactieCriteriaGebruikVoorbeeldValkuil
zitpositie-signaal, statischachterhand naar de grond, voorhand opgerichtde hond neemt een zittende positie aan en blijft daarin tot vrijgave of vervolgcuebruikbaar voor korte onderbreking, controle, startpositie en onderscheid met bewegenzit -> hond gaat zitten -> behoud tot ok of volgende cuete vroeg te lang laten aanhouden, waardoor het signaal aversief of onduidelijk wordt
afpositie-signaal, statischellebogen en borst richting grond, lichaam in ligpositiede hond gaat daadwerkelijk liggen, niet alleen zakken of buigenbruikbaar voor rust, duur, impulscontrole en langere stationaire opdrachtenaf -> hond gaat liggen -> beloning of duurmarkerblijvende afhankelijkheid van lokmiddel of handbeweging in plaats van werkelijk signaalbegrip
staanpositie-signaal, statischvier poten dragend, lichaam opgericht zonder voorwaarts weg te lopende hond komt tot stand en houdt die positie kort vastbruikbaar bij verzorging, inspectie, aanlijnen, positioneren en onderscheid tussen zit/af/staanstaan -> hond komt omhoog -> behoudt standde hond leert naar voren bewegen in plaats van enkel van positie wisselen
stoponderbrekingssignaal, dynamisch naar statischlopende of ingezette beweging wordt onderbrokende hond stopt waar mogelijk direct en wacht op vervolgbruikbaar voor veiligheid, remming, afstandswerk en onderbreking van naderingstop -> hond stopt beweging -> vervolgcue of vrijgavepas cueën wanneer de hond al te ver in beweging, opwinding of richting zit
losafgifte-signaal, dynamisch naar statischbek, greep of bezit wordt losgelatenhet object komt vrij zonder trekken, grissen of competitiebruikbaar in spel, gehoorzaamheid, veiligheid, objectcontrole en hanteren van bezitlos -> hond laat object los -> spel, wissel of vervolghet signaal koppelen aan verlies, grissen of conflict waardoor bezit competitiever wordt
naastpositioneringssignaal, dynamisch naar statischhond beweegt naar geleiderpositie en oriënteert zich naast het beenschouder of kop binnen marge-positie of lijn-reikwijdte, tempo aangepast aan geleiderbruikbaar voor wandelen, passeren, aandacht, controle en verplaatsing door prikkelsnaast -> hond zoekt positie naast geleider -> beweegt meepositie verwarren met strakke lijn of mechanisch tegenhouden in plaats van criterium voor meebewegen
hieroproepsignaal, dynamischhond keert richting geleider en nadert tot afgesproken eindcriteriumde hond komt daadwerkelijk binnen bereik, niet alleen kort kijken of half naderenbruikbaar voor terugroepen, heroriënteren, veiligheid en beëindigen van externe betrokkenheidhier -> hond komt naar geleider -> beloning of vervolgte vaak cueën wanneer de hond niet kan of wil komen, of aankomst laten leiden tot verlies van vrijheid

Contextsignalen

Signalen die een taak-, activiteit- of interactiecontext openen, wisselen of beëindigen.

Contextsignalen vragen niet noodzakelijk één strak afgebakende gedragsvorm. Ze voorspellen vooral wat voor soort activiteit, aandacht of taakcontext nu relevant wordt, of juist dat die context beëindigd wordt.

Daarom staan signalen zoals "kijk is" en "klaar" apart: ze sturen de omstandigheden rondom gedrag, maar zijn niet hetzelfde type signaal als een signaal voor zitten, liggen, stoppen, loslaten of hierkomen.

SignaalSoortBeoogde reactieCriteriaGebruikVoorbeeldValkuil
klaareindsignaal voor taak- of interactiecontextde hond hoeft niet langer in de actieve taakcontext te blijvende werkcontext wordt beëindigd zonder dat dit automatisch een beloningsmarker isbruikbaar om training, spel, taak of interactie helder af te sluitenklaar -> einde taakcontext -> neutrale afrondinggeen duidelijk onderscheid maken tussen vrijgave, beloning en einde van interactie
kijk isoriëntatie- of attentiesignaalhond heroriënteert richting geleider, taakcontext of relevante prikkelzichtbare oriëntatie, aandacht of check-in zonder meteen een volledige positie te vragenbruikbaar om aandacht te openen, context te wisselen of vervolginformatie mogelijk te makenkijk is -> hond oriënteert -> vervolgcue of markeringaandacht vragen zonder opvolgende informatie, beloning of duidelijke taakcontext

Referenties

  1. Lucia Lazarowski, Belinda Rogers, Stephanie Collins, Julia Pisano, Sarah Krichbaum
    2021-06-01
    10.3390/ani11061639
  2. Steven R. Lindsay
    2000
  3. Jan Kubanek, Lawrence H. Snyder, Richard A. Abrams
    2015-06-01
    10.1016/j.cognition.2015.03.005
  4. Ken Ramirez
    2019-12-13
    10.1002/9781118968543.ch4
  5. Eric S. Murphy, Gwen J. Lupfer
    2014-05-19
    10.1002/9781118468135.ch8
  6. Ervin Staub, Bernard Tursky, Gary E. Schwartz
    1971
    10.1037/h0030851
  7. Steven F. Maier
    1986
    10.1111/j.1749-6632.1986.tb14618.x