Kennisbank

Vergewoontelijking

Wanneer herhaling een prikkel-reactie-route minder uitkomstgevoelig en meer vanzelfsprekend maakt.

Prikkel en reactie

Herhaling kan een reactie minder nieuw, minder bewust en minder uitkomstgevoelig maken.

Vanuit één beginpunt kunnen meerdere routes vertrekken. Door herhaling wordt één route makkelijker beschikbaar, terwijl alternatieven zwakker blijven of los staan.

Vergewoontelijking beschrijft hoe een prikkel, wanneer deze herhaaldelijk verschijnt zonder wezenlijke verandering, minder nieuw of urgent wordt. De prikkel is er nog steeds, maar het zenuwstelsel hoeft er steeds minder actief iets nieuws mee te doen.

In gedrag kan dit ook betekenen dat een veel herhaalde route steeds makkelijker wordt geactiveerd. De reactie begint dan minder te lijken op een keuze die sterk wordt bijgestuurd door de directe uitkomst, en meer op een prikkelgebonden aanzet: de prikkel verschijnt, en de reactie komt al op gang.

Daarmee zit vergewoontelijking op een overgangsgebied. De hond is niet simpelweg bewust aan het kiezen tussen voordelige of nadelige uitkomsten. De prikkel zelf begint de start van de reactie te dragen. Wat vaak genoeg op dezelfde manier is doorlopen, wordt sneller beschikbaar en vraagt minder differentiatie op basis van wat het nú oplevert.

Voor training is dat belangrijk omdat latere uitkomsten dan soms minder grip lijken te hebben. Niet omdat de hond niets leert, maar omdat de eerste activatie al vroeg in de keten gebeurt. Je moet dan vaak eerder in de route werken: bij de prikkel, de aanzet, de context en de herhaalde verwachting.

herhaalde prikkel
-> bekende route wordt makkelijker beschikbaar
-> reactie start sneller en vanzelfsprekender

Alternatieve routes

Een ingesleten route sluit alternatieven niet uit, maar maakt ze minder vanzelfsprekend.

Een ingesleten route betekent niet dat andere routes onmogelijk zijn. Het betekent vooral dat één route sneller, sterker of goedkoper beschikbaar wordt dan de alternatieven.

Daarom is verandering vaak meer dan alleen een andere uitkomst toevoegen. Er moet ook een andere route beschikbaar worden: eerder opmerken, anders oriënteren, korter herstellen, of op een ander moment een andere reactie kunnen starten.

In die zin is herhaling dubbel: herhaling kan gewenst gedrag betrouwbaar maken, maar herhaling kan ook een bestaande route verder inslijten. De vraag is dus niet alleen wat er na gedrag gebeurt, maar ook welke route steeds opnieuw geoefend wordt.